treasure map

 

 

Schatkaart, ©Barbara Jansma, 2013

 

 

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Beeldende kunst, tekening en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

12 reacties op treasure map

  1. Gaccia zegt:

    Prachtig, ze heeft daar wel een kunststukje weggecomponeerd. Een vrouw met vorm, zo zie je ze nog maar weinig. Wat ligt ze daar prachtig in het koude ochtendlicht, haast verstild. De dronkenschap nog in haar zachte heupen, de rechte rug als een generaal, de haren nat van zweet klaar om te druppen.

    Opdat deze oen aan wie ze zo te zien haar stokje doorgeeft nou eindelijk eens die stomme partituur laat vallen en die belachelijke strik van zijn nek trekt, nooit meer een kapper bloempotten op zijn kop laat graveren, zijn beroep als etaleur opgeeft en zijn gedachten niet de godganse dag richt op maman in de rue Saint Lazare.

    Sorry, ik liet me even gaan, wat zo’n, stuk papier met lijnen op een elektronisch scherm zoal teweeg kan brengen.

  2. Gaccia zegt:

    Op een dag in augustus kwam er een kunstschilder aan land met een ezel, een rieten mand en een linnen tas vol tubes, op zoek naar een aardig tafereeltje. De heer van Zwaneveer worstelde met zijn opvouwbare krukje en nestelde zich bovenop een duin. Hij aquarelleerde het af en aanrollen van de golven en er moesten nog heel wat golven rollen voordat de heer van Zwaneveer zijn laatste penseelstreek aan het papier zou toevertrouwen. Het licht was als zijde en albast maar van Zwaneveer zag enkel het spatten van de golven. Zijn haar was geknipt volgens de laatste mode, iets wat nogal ongebruikelijk is in de wereld van kunstenaars, die eerder geneigd zijn het zaakje te laten hangen. Hij had een hazenlip waardoor zijn neus niet meer de wereld instak maar er doelloos bij leek te hangen. Uit zijn grappige oren, waar hij vroeger wel mee werd gepest als ware het zeiltjes, groeiden inmiddels fors wat haren en was het geheel uitgebloedt tot een rustiek tafereeltje van een bootje in het riet. In het dorp had de heer van Zwaneveer zich voorgeteld als Piet Paaltjes. In de Gevulde Vlamous sprak hij graag over zijn afkomst maar niemand die er aandacht aan schonk. Dan weer kwam hij uit een Hongaars zigeunergeslacht dan weer uit een tsarenfamilie die was verscheurd door oorlog en verraad. De oudste dochter van uitbater Henk Vlamous, Anne-Marie wantrouwde Piet Paaltjes en wilde niets van hem weten maar Henk bleef maar schenken vanwege de pecunia en Piet bleef maar weer nieuwe afkomsten fantaseren. Toen Piet door zijn geld heen was begon hij Henk te betalen met zijn aquarellen, hij aquarelleerde menig Gevulde Vlamousganger. Toen Anne Marie een keer naar de kelder ging om nieuwe rum te halen bood Piet zijn diensten aan als ezel.
    ‘Kijk’, zei Anne Marie, ‘zie je dat gat daar boven die gegispte buis? Daar komt Elsje vaak door binnen’.
    ‘Who the heck, is Elsje’ wilde Piet weten.
    ‘Elsje is ons jongste zusje’
    ‘Dood?’ vroeg Piet
    Annemarie keek hem verbaasd aan, ze haalde nog een keertje adem en vervolgde ‘ waarschijnlijk heeft ze weer langs de vloedlijn gescharreld maar nu is ze hier. Meestal lopen we samen de trap weer op en dan verdwijnt ze boven weer door de stekkerdoos van de kapotte jukebox’.
    Piet wilde nu echt alles van Elsje weten ‘wat voor kleur had ze, had ze al borsten…
    Hij bleef maar vragen. ik liet de praatjesmaker achter bij de rum, mijn zusje ging hem geen fluit aan, mijn jongste zusje was van ons.
    De volgende dag komt Piet Paaltjes weer een nieuw afkomstverhaal vertellen en wat drinken. Om zich vrij te kopen geeft hij bij vertrek deze aquarel aan Henk. Henk rolt hem open, verscheurd hem en mikt hem in de prullenbak, mis natuurlijk dus het geval blijft op het randje hangen. Henkt heft zijn arm richting Piet: ‘ en nou opzouten, jij met je vunzigheid en loze praatjes. Bij mij kom je er niet meer in!’

  3. joost tibosch sr zegt:

    Als man schrik ik me bij al die vrouwelijke weerloosheid wild van die man met zijn geweer, zijn strik en zijn weitas.

  4. Soli zegt:

    Mooie titel, mooi beeld. Weerloos, allebei.
    Het beeld is een, denk ik

  5. Soli zegt:

    beiden zijn dezelfde, bedoel ik

  6. Gaccia zegt:

    Dat vind ik nou toch wel weer erg ver gezocht, Diana, een groter contrast is haast niet denkbaar. Het is ook een ontkenning van liefde’s onbenul in deze krampachtige oetlul. Ik begrijp ook wel dat liefde van voorbijgaande aard is en dat er ongetwijfeld een bepaalde fase in ieder leven is dat mensen zich graag 1 denken te voelen omdat ze toevallig eenzelfde ijsje als favoriet hebben of dat ze even de lakens delen met een man die past of dat ze alle twee van ajax houden. Deze band voelt aan als eenwording maar ik zie bij dit heerschap nog niet gauw iets opwindende gebeuren die vreet nog liever zijn gewei op dan dat hij het gekwetter hoort dat zachtjes uit haar navel snoest.
    We zouden het de aquarellist zelf kunnen vragen maar ik geloof dat hij meer aquarel maakt dan aquarelleert. Ik dacht dat er altijd wel een sprankje eros school in elke menselijke relatie, althans dat dacht ik tot ik vanmorgen toen ik in de eenzaamheid van mijn kamer alle dingen van het leven trachtte te begrijpen omdat ik niets anders te doen had, en deze prent voorbij schoot, nu ben ik daar niet meer zo zeker van. Ik ben geneigd plato nog even in te duiken om eroos wat gestalte te geven want van dit heerschap valt zo te zien weinig te verwachten.

  7. Heerlijke reacties, dank jullie wel!

  8. gaccia zegt:

    Hoezo bedankt, is het feestje hier soms al afgelopen, wordt het appeltje al geschild en de klok al opgewonden voor de nacht? Het is pas half elf maar toch al laat genoeg voor het grande corps om kramp te krijgen van steeds maar diezelfde houding. Het Grande Corps vouwt zich over de rand. Dubbelgeklapt alsof ze wordt overvallen door hevige pijn, haar handen rond het gladde ronde houtwerk van de pijnbank waren in 1 klap nat van het zweet. Ze komt overeind en gaat weer op het bankje zitten toen oetlul zich kenbaar maakte, zijn wenkbrauw ging wat omhoog. Maar hij kon niets beginnen, Was net zo overrompeld als zij.
    Ze trok langzaam haar dijen uit elkaar en zette haar voeten stevig op de grond. Haar hoofd hing tussen haar handen alsof het was afgehakt en haar in bewaring was gegeven. Het licht boven de oetlul doofde langzaam. Ze zat daar tot ze gewend was aan de duisternis. Toen stond ze eindeloos langzaam op en greep naar zijn weitas alsof ze wilde controleren of er wat te weien viel. Ze maakte hem open en pakte beet wat erin lag. Het was een partituur. Ze gooide hem met tas en al op de grond. Even flikkerde het licht nog, ze had zijn onderpand ontfutseld, eindelijk kon hij zichzelf zijn. Ze ging weer liggen op het bankje , haar ogen nu op de oetlul gericht. Maar er kwam geen geluid, er gebeurde niets. Hij hing zijn baton aan de haak en ging naar haar zitten kijken zoals hij nog nooit gekeken had.

  9. gaccia zegt:

  10. gaccia zegt:

    Romeo woont op de begane grond van gebouw nummer drie
    Juliette in het gebouw recht tegenover op de bovenste verdieping
    Ze zijn beiden 16 jaar en elke dag wanneer ze elkaar zien
    Groeit in hun ogen een verlangen tot sharen
    Het is op hun eerste date dat zij de sprong wagen
    Onder een trieste herfsthemel waarop het regent op hun lichaam (Prévert)
    Ze kussen elkaar als gekken zonder angst voor wind en voor kou
    Want liefde heeft zo haar seizoenen waar de rede niets van af weet

    [Chorus]
    Romeo valt op Juliette en Juliette valt op Romeo
    En als de hemel niet genadig is, des erger voor het weer
    Een liefde in de storm, die van de de goden, die van de mensen
    Een liefde, moed, en twee kinderen buiten alle normen

    Romeo en Juliette zien elkaar vaak in de duik
    Het is niet omdat de mensen rond hen met hen zouden kunnen spotten
    Het is dat Juliette’s vader een keppeltje op zijn hoofd heeft
    En die van Romeo gaat elke dag naar de moskee
    Dus liegen ze tegen hun families, ze organiseren zich als professionals
    Als er geen plaatsen zijn voor hun liefde, maken ze zich een decor
    Ze houden van elkaar in de cinema, bij vrienden, in de metro
    Want de liefde heeft zo zijn huizen waar de kaïds geen benul van hebben

    [Chorus]
    Romeo valt op Juliette en Juliette valt op Romeo
    En als de hemel niet genadig is, des erger voor het weer
    Een liefde in de storm, die van de de goden, die van de mensen
    Een liefde, moed, en twee kinderen buiten alle normen

    De vader van Romeo is achterdochtig, hij heeft vermoedens
    De familie van Juliette is joods, je moet ervan wegblijven
    Maar Romeo argumenteert en weerstaat aan de mokerslagen van druk
    So what papa dat ze joodse is, kijk ’s hoe mooi ze is
    Dus blijft de liefde klandestien vanaf het moment dat zijn vader zijn rug gekeert heeft
    Hij doet haar het grote leven lijden met de roeispanen die hij heeft
    Voor haar is het sandwich op zijn Grieks en een kaas bij de McDo
    Wat de liefde heeft zo haar relaties waar de rijke stinkerds niets van af weten

    [Chorus]
    Romeo valt op Juliette en Juliette valt op Romeo
    En als de hemel niet genadig is, des erger voor het weer
    Een liefde in de storm, die van de de goden, die van de mensen
    Een liefde, moed, en twee kinderen buiten alle normen

    Maar de zaken worden ingewikkeld wanneer de vader van Juliette
    valt op boodschappen die hij niet had moeten leren
    Een SMS op de i-phone en een internetchat
    De sanctie is gevallen, ze mag niet meer uitgaan
    Romeo ijsbeert in de hal van gebouw drie
    Ondanks zijn maat Mercutio, verdampt zijn vreugde
    Zijn prinses is vlakbij maar gegijzeld onder haar dak
    Want de liefde heeft zo haar cellen die het verstand onteert
    Maar Juliette en Romeo veranderen de geschiedenis en muizen er vanonder
    Precies alsof dat ze elkaar liever hadden bij leven dan bij dood
    Geen fiooltje cyanide, wat Shakespeare er ook van moge denken
    Want de liefde heeft zo haar horizonten waar vergif niets van af weet

    [Chorus]
    Romeo valt op Juliette en Juliette valt op Romeo
    En als de hemel niet genadig is, des erger voor het weer
    Een liefde in een storm, opstandig en verwijtend
    Een liefde, en twee kinderen voor op hun tijd

  11. Robert Kruzdlo zegt:

    De jager is tevreden. De MAN kijkt naar zijn jachttrofee.dat vlezig op de snijtafel ligt. Haar borsten zijn vlezig die vallen als rijpen bloemkolen van tafel. Ze zal nog een keer opstaan…(…)

  12. Gaccia, uw pen is een streling voor het vreugdig gemoed, en ik verrekskuseer mij ten diepste voor gebrek aan bevlogen antwoorden, doch het zit er effe niet in omdat ik mij in stilte bevind. Maar ga in godsnaam door!

    Robert Kruzdlo, dat zal ze zeker :-)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s